Als ik terugkijk op mijn banen in loondienst, dan zie ik aan de ene kant hoe uiteenlopend deze zijn geweest. Van fitnessinstructeur tot projectassistent in de zorg en van het mede opzetten van een ontwikkelomgeving voor hoogbegaafde jongeren tot werken bij een bank.
Aan de andere kant zie ik ook dat er altijd een heel duidelijke rode draad in te herkennen is: ik deed in die banen steeds wat er nodig was. Ik vulde de rol in die ontbrak.
Was er niemand die het personeel aanstuurde? Dan werd ik ineens hoofd personeel. Moest er documentatie of een opleidingsplan komen? Dan ging ik dat creëren. Wilden we dat er een event kwam? Dan werd ik de eventmanager.
De bedrijven waarin ik de ruimte kreeg om dit te doen, waren vaak ook de bedrijven waarin ik floreerde. Juist omdat ik daar mijn gave kon inzetten om aan te voelen wat er nodig was en daarop in te spelen.
Deze gave, de gave van snel aanvoelen wat er nodig is en daarop inspelen, is een gave die ik bij veel hoogbegaafden zie. Daarom heb ik dit in mijn boek ‘Nooit meer ruzie met je baas’ bij het profiel van de Vormer beschreven. Misschien herken je jezelf in het volgende stuk uit mijn boek:
‘De Vormer kan zich gemakkelijk vormen naar de omstandigheden, de omgeving en de verwachtingen. Als Vormer kun je snel inschatten wat iemand nodig heeft en daar vervolgens op inspelen. Met een groot empathisch vermogen en de gave om de sfeer precies aan te voelen, zie je meteen welke rol passend is.
Door je veelzijdigheid en de gave om snel nieuwe dingen te leren, kun je als Vormer veel verschillende taken oppakken in een organisatie. Vaak ben je als Vormer, buiten je eigen functie om, op meerdere plekken bij de organisatie betrokken. Je hebt overal een vinger in de pap. Je bent meestal ook degene die in een organisatie de brandjes blust voordat deze uit de hand lopen.’
Het mooie van de Vormer is dat je zaken kunt oppakken waarvan anderen nog niet eens hebben opgemerkt dat ze nodig zijn. Je kunt bovendien gemakkelijk verschillende rollen vervullen en soms fungeren als de lijm tussen verschillende onderdelen die nog niet goed samenkomen of samenwerken.
Maar juist in die gave zit ook een risico. Want als je zo goed kunt aanvoelen wat er nodig is en jezelf daarnaar kunt vormen, kun je daarin ook te ver doorschieten.
Zo kun je steeds in rollen, taken of zelfs functies terechtkomen waar je eigenlijk nooit bewust voor hebt gekozen. En als die onvoldoende aansluiten bij wie jij bent en wat jij nodig hebt, kan dat uiteindelijk ten koste gaan van je werkplezier, voldoening en energie.
Je kunt jezelf ook zo sterk gaan vormen naar wat je ziet dat anderen of de omgeving nodig hebben, dat je steeds minder goed voelt wat jíj eigenlijk wilt en nodig hebt.
Juist datgene waar je goed in bent en waarmee je veel waarde kunt toevoegen, kan dus ook tegen je gaan werken wanneer je erin doorschiet.
Als je herkenning vindt in dit profiel van de Vormer, is het daarom interessant om de komende week eens te letten op de momenten waarop jouw Vormer-gave je iets brengt én op de momenten waarop je merkt dat je vooral last krijgt van de valkuilen die daarbij horen.
PS. In mijn boek ‘Nooit meer ruzie met je baas’ deel ik meer over de Vormer en de valkuilen en risico’s die bij dit profiel horen. Je kunt het boek ‘Nooit meer ruzie met je baas’ hier bestellen.
Je ontdekt in het boek ook hoe je ervoor kunt zorgen dat je meer werkplezier en voldoening kunt ervaren door meer te gaan werken op jouw voorwaarden en je leest meer over de profielen van de Onderzoeker, de Voorspeller en de Strijder.